Elke week staan wij in woningen en bedrijfspanden in heel Limburg — en elke week krijgen wij vragen over bouwkundige keuringen en energielabels: van kopers, verkopers, makelaars en verhuurders. Dat vinden wij alleen maar leuk. De meest gestelde vragen hebben wij hier verzameld en eerlijk beantwoord, inclusief de verhalen uit onze eigen praktijk.
En omdat de praktijk elke week nieuwe vragen oplevert, vullen wij deze pagina geregeld aan — de moeite waard dus om af en toe terug te komen. Staat uw vraag er niet tussen? Bel of mail ons gerust.
— R.S.M. (Ralph) Degens, directeur RaDe Bouwadvies
Veelgestelde vragen over de bouwkundige keuring
Wat is een bouwkundige keuring precies?
Een bouwkundige keuring (ook wel aankoopkeuring of bouwtechnische keuring) is een visuele inspectie van een woning of bedrijfspand door een bouwkundige. Wij beoordelen de bouwkundige staat van het pand: het dak, de gevels, kozijnen, vloeren, de kruipruimte, vochtproblemen, scheurvorming en de zichtbare delen van de installaties.
U ontvangt een rapport met onze bevindingen en de bijbehorende kosten, overzichtelijk in drie categorieën: de directe kosten (herstel binnen 0–1 jaar), de kosten op termijn (1–5 jaar) en de kosten van een eventueel verbeterplan. Zo weet u vóór de aankoop waar u aan toe bent en komt u achteraf niet voor dure verrassingen te staan.
Goed om te weten: de keuring beschrijft de staat van het pand zoals het er nú bij staat. Naar isolatie en energieverbruik kijken wij tijdens de keuring niet — dat is het aparte vak van de energielabel-adviseur. En wat een verbouwing naar uw wensen gaat kosten, is wéér een ander product: een bouwcalculatie. Wij verzorgen alle drie, maar het zijn aparte opdrachten.
Wat is het verschil tussen een aankoopkeuring en een verkoopkeuring?
Technisch gezien: geen enkel. Dezelfde keurder, dezelfde werkwijze, hetzelfde rapport — het verschil is alleen wie de opdracht geeft: de (aspirant-)koper of de verkoper.
Toch is een verkoopkeuring vaak een verstandige zet. Bij een woningverkoop gelden namelijk twee spiegelbeeldige plichten uit het Burgerlijk Wetboek: de mededelingsplicht van de verkoper en de onderzoeksplicht van de koper. Als verkoper moet u gebreken die u kent eerlijk melden. Met een verkoopkeuring toont u zwart-op-wit aan wat er bij de verkoop bekend en zichtbaar was. Komt er na de overdracht discussie over een „verborgen gebrek”, dan staat u met dat rapport aanzienlijk sterker: alles was eerlijk opgegeven. En er is een praktisch voordeel: uw makelaar kan de vraagprijs scherper bepalen, omdat de kosten van eventuele gebreken al zijn meegenomen — en de kans dat de verkoop na de keuring van de koper alsnog wordt heronderhandeld, wordt een stuk kleiner.
Voor kopers geldt het spiegelbeeld: wie zónder bouwkundige keuring koopt en later gebreken ontdekt die een deskundige had kunnen zien, krijgt bij een geschil al snel tegengeworpen dat hij niet aan zijn onderzoeksplicht heeft voldaan. Een keuring is een klein bedrag vergeleken met een juridische strijd over een gebrek — wij zien in onze eigen geschillen-praktijk wekelijks hoe dat afloopt.
Is een bouwkundige keuring wettelijk geregeld of gecertificeerd?
Nee — en dat vinden wij oprecht jammer. Voor het energielabel heeft de overheid alles strak geregeld: één voorgeschreven rekenmethode (de NTA 8800), vakbekwaamheidseisen voor de adviseur, certificering (BRL 9500) en externe controles. Voor bouwkundige keuringen bestaat daarvan niets: iedereen mag zich bouwkundig keurder noemen, er is geen verplichte opleiding, geen voorgeschreven werkwijze en geen extern toezicht. Er bestaan wel vrijwillige registers en keurmerken, maar een wettelijke norm zoals bij het energielabel ontbreekt.
Omdat die landelijke norm er niet is, hebben wij zelf een duidelijke lat gelegd: wij keuren volgens de regels van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) — de wettelijke bouwregels van Nederland, de opvolger van het Bouwbesluit — en wij nemen er ruim de tijd voor: minimaal 1,5 uur op locatie.
Hoe herken ik een goede bouwkundig keurder?
Eerlijk antwoord: van buitenaf kunt u dat niet zien. Elke website oogt professioneel en elk voorbeeldrapport ziet er verzorgd uit. Het verschil zit in wat er op locatie gebeurt. Vraag daarom door:
- Hoe lang is de keurder in de woning? (Wij: minimaal 1,5 uur.)
- Waaraan wordt getoetst? (Wij: aan het Bbl, de wettelijke bouwregels.)
- Wie komt er keuren en hoeveel ervaring heeft die persoon? (Wij: ruim 20 jaar bouwkundige praktijk.)
- Mag u meelopen en vragen stellen? (Bij ons: graag zelfs.)
Het mooiste compliment dat wij regelmatig krijgen, komt van de verkoper van de woning die wij voor de koper keuren. Die loopt mee, ziet hoe grondig wij te werk gaan en zegt dan:
„Nu zie ik dat ik voor het huis dat ik zelf aan het kopen ben de verkeerde keurder heb uitgekozen.”
Regelmatig vraagt diezelfde verkoper ons vervolgens om zijn aan te kopen woning ook te keuren. Een treffender bewijs dat kwaliteit pas op locatie zichtbaar wordt, kennen wij niet.
Kan ik bouwkundige keuringen vergelijken op prijs?
Vaak gevraagd
Nee, en dat is misschien wel de belangrijkste boodschap op deze pagina. Omdat er geen wettelijke standaard bestaat, is een keuring geen vast product: de een is na een half uur weer weg, de ander toetst ruim anderhalf uur lang systematisch aan de bouwregelgeving. Beide heten „bouwkundige keuring”, maar u krijgt niet hetzelfde.
De prijs zegt dus niets over wat u in huis haalt. De goedkoopste keuring kan achteraf de duurste blijken, als een gemist gebrek na de aankoop op uw bordje komt. Vergelijk daarom op inhoud: tijd op locatie, toetsingskader, de inhoud van het rapport en de persoon die komt keuren.
Breekt u iets open tijdens de keuring? (destructief onderzoek)
Nee, nooit. Een aankoopkeuring is altijd visueel, waar zinvol aangevuld met metingen (bijvoorbeeld vochtmetingen). Wij boren geen gaten en breken niets open. Dat is heel bewust: de woning is op dat moment nog niet van u, maar van de verkoper.
Is iets niet zichtbaar of niet veilig bereikbaar — bijvoorbeeld een afgesloten kruipruimte — dan vermelden wij dat duidelijk in het rapport, waar nodig met een advies voor vervolgonderzoek.
Hoe lang duurt de keuring en mag ik erbij zijn?
Wij zijn minimaal 1,5 uur op locatie; bij grotere of oudere panden langer. U bent van harte welkom om mee te lopen. U leert de woning van onder tot boven kennen en kunt direct vragen stellen bij alles wat wij aantreffen.
Kunnen jullie meelopen tijdens de bezichtiging?
Dat wordt ons regelmatig gevraagd, maar het antwoord is nee — en dat is een bewuste keuze. Een makelaar plant voor een bezichtiging doorgaans een half uur tot drie kwartier in; wij hebben voor een serieuze keuring minimaal 1,5 uur nodig, van dak tot kruipruimte. Een keuring „even tussendoor” tijdens de bezichtiging zou precies het soort snelle keuring opleveren waar wij u op deze pagina juist voor waarschuwen.
Daarom plannen wij een eigen afspraak in, meestal nadat uw bod is geaccepteerd — binnen de bedenktijd of de termijn van het bouwkundig voorbehoud. De makelaar werkt daar vrijwel altijd gewoon aan mee. Wilt u liever direct mondeling advies zonder rapport, dan kan dat met onze meeloopkeuring — ook die plannen wij als eigen afspraak in, zodat er voldoende tijd is.
De woning ziet er netjes uit. Waarom zou ik dan nog laten keuren?
Omdat de duurste gebreken zelden in het zicht zitten. Een strak gestuukte wand of een nieuwe keuken zegt niets over het dakbeschot, de kruipruimte, verborgen vocht of de staat van de constructie. Wij kijken juist op de plekken waar u tijdens een bezichtiging niet komt.
Bovendien is het rapport uw onderbouwing: bij het bouwkundig voorbehoud in het koopcontract, in de onderhandeling over de prijs, en soms vraagt ook de hypotheekverstrekker of NHG om een bouwkundig rapport — bijvoorbeeld wanneer uit het taxatierapport blijkt dat direct noodzakelijk herstel meer dan 10% van de woningwaarde kost.
Hoe werkt het bouwkundig voorbehoud in het koopcontract?
In het model-koopcontract staat standaard een voorbehoud bouwkundige keuring: een ontbindende voorwaarde die u de ruimte geeft om de woning ná het tekenen van het voorlopig koopcontract te laten keuren. Let op: het voorbehoud kán worden doorgehaald — in een verhitte markt gebeurt dat helaas vaak om een bod aantrekkelijker te maken. Besef goed dat u daarmee een belangrijke bescherming opgeeft.
Het voorbehoud wordt meestal gekoppeld aan een maximumbedrag aan direct noodzakelijke herstelkosten, vaak € 7.500 tot € 10.000. Blijkt uit de keuring dat de directe kosten bóven dat afgesproken bedrag uitkomen, dan mag u zonder boete van de koop afzien — of opnieuw onderhandelen over de prijs. De directe kosten (0–1 jaar) in ons rapport zijn daarvoor precies de onderbouwing.
Staat alles wat we tijdens de keuring bespreken ook in het rapport?
Tijdens het meelopen bespreken we vaak méér dan wat in het rapport thuishoort, bijvoorbeeld verbouwtips en globale kosteninschattingen. Het rapport zelf beschrijft de bouwkundige staat van het pand, getoetst aan het Bbl — dat is de opdracht, en dat houdt het rapport zuiver en bruikbaar richting verkoper of geldverstrekker.
Belangrijk om te weten: naar isolatie en energieverbruik kijken wij tijdens een bouwkundige keuring niet. Dat is het vak van de energielabel-adviseur en een aparte opdracht: de energielabel-opname, eventueel aangevuld met een maatwerkadvies voor verduurzaming. Wilt u weten wat een verbouwing gaat kosten, dan is dát weer een bouwcalculatie. Wij verzorgen ze alle drie — geef vooraf aan wat u nodig heeft, dan combineren wij dat efficiënt.
Hoe hard zijn de kosten die in het rapport staan?
De bedragen in ons rapport zijn standaardprijzen (kengetallen) voor professioneel herstel. De uiteindelijke prijs in de markt kan daarvan afwijken: aannemers verschillen in drukte, regio en afwerkingsniveau, en offertes lopen uiteen.
Ons uitgangspunt bij elk bedrag: een oplossing die professioneel is, maar wél betaalbaar — geen goudgerande aanpak waar een degelijke volstaat. Vraag voor de definitieve beslissing dus altijd offertes op; ons rapport geeft u daarvoor de juiste ordegrootte en een stevige onderhandelingsbasis.
Wat kost een bouwkundige keuring?
Een bouwkundige keuring begint bij ons vanaf € 399,-, inclusief het volledige rapport met de directe kosten (0–1 jaar), de kosten op termijn (1–5 jaar) en de kosten van een eventueel verbeterplan; de exacte prijs hangt af van het type en de grootte van het pand. Ook mogelijk: een deelkeuring van één onderdeel, of een meeloopkeuring zonder rapportage. Maar let op: kies een keuring nooit alleen op prijs — zie de vraag hierboven. Combineert u de keuring met een energielabel, dan plannen wij dat waar mogelijk efficiënt voor u in.
Veelgestelde vragen over het energielabel
Wat is een energielabel en wanneer is het verplicht?
Het energielabel laat met een letter (A++++ tot en met G) zien hoe energiezuinig een gebouw is. Het is verplicht bij verkoop, verhuur en oplevering van woningen én utiliteitsgebouwen (kantoren, winkels, scholen). De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) houdt hierop toezicht en kan een boete opleggen — voor een particuliere woningverkoper is dat in 2026 € 550, voor bedrijven het dubbele.
Een geregistreerd label is 10 jaar geldig en wordt vastgelegd in EP-Online, de officiële landelijke database van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).
Hoe wordt een energielabel bepaald?
Volgens één landelijk voorgeschreven rekenmethode: de NTA 8800. Een vakbekwaam, gediplomeerd adviseur komt de woning opnemen: alle afmetingen, de isolatie van vloer, gevel, dak en beglazing, en de installaties.
De berekening kijkt in de kern naar twee dingen:
- Hoeveel energie verliest het gebouw? Oftewel: hoe goed is het geïsoleerd en hoe luchtdicht is de schil.
- Hoe wordt de gevraagde energie opgewekt — en hoe zuinig? Een oude cv-ketel, een moderne HR-ketel of een warmtepomp maken een groot verschil, net als zonnepanelen die zelf energie opwekken.
De uitkomst is het primair fossiel energiegebruik in kWh per m² per jaar, en die waarde bepaalt de labelletter.
Waarom is mijn energielabel lager dan verwacht?
Het label rolt uit de voorgeschreven rekenformule van de NTA 8800, in geattesteerde software. Wij voeren in wat wij bij de opname hebben vastgesteld en kunnen bewijzen — en daar houdt onze invloed op: aan de uitkomst valt niet te draaien, door niemand. Dat is soms even slikken, maar het is ook precies wat een energielabel betrouwbaar maakt.
Wat wij wél altijd doen: u toelichten waaróm het label zo is uitgevallen — welke onderdelen drukken en waar de winst zit. En wilt u weten wat verbeteren concreet oplevert, dan rekenen wij dat voor u door in een maatwerkadvies.
Waarom staat mijn nieuwe, geïsoleerde deur als „niet geïsoleerd” op het label?
Vaak gevraagd
Dit is misschien wel dé vraag die wij het vaakst krijgen. De spelregels van het energielabel zijn streng: de opnemer mag alleen meenemen wat hij ter plekke kan zien of wat u aantoonbaar kunt bewijzen, bijvoorbeeld met de specificaties of factuur van de deurleverancier. In een dichte deur kun je nu eenmaal niet kijken — en wij gaan uiteraard geen gat in uw mooie nieuwe deur boren om te controleren of er isolatie in zit.
De methode kent voor deuren bovendien maar twee smaken: geïsoleerd of niet-geïsoleerd — een tussenweg is er niet. Heel af en toe is de isolatie wél ter plekke te zien, bijvoorbeeld door een kattenluik in een geïsoleerd deurpaneel; dan telt hij gewoon mee. Zonder zichtbaar of schriftelijk bewijs schrijft de methode voor de deur als „niet geïsoleerd” op het label te zetten (het rode streepje). Vervelend, maar voor iedereen gelijk.
Gelukkig is het effect op het label klein: het aantal m² deur is beperkt ten opzichte van de gehele buitenwand — op tientallen vierkante meters gevel gaat het om zo'n twee vierkante meter deur. Zit er bovendien glas in de deur, dan wordt dat glas apart berekend en gaat het van het deuroppervlak af — het stukje „echte deur” dat overblijft, is dus nog kleiner.
Kan ik met facturen of foto's zorgen voor een beter label?
Ja, en dit is de belangrijkste tip die wij u kunnen geven. Met geldig bewijs mag de adviseur de werkelijke isolatie meenemen in plaats van de voorzichtige standaardwaarde. Denk aan:
- facturen van isolatiewerk of van de aannemer — met vermelding van materiaal, dikte én het werkadres;
- foto's gemaakt tijdens de verbouwing, waarop de isolatie herkenbaar in uw woning zichtbaar is;
- een certificaat van bijvoorbeeld spouwmuurisolatie;
- productspecificaties van kozijnen, beglazing of installaties.
Belangrijk: het bewijs moet aantoonbaar bij uw adres horen en de eigenschap laten zien waar het om gaat, zoals de dikte of Rd-waarde van de isolatie. Losse kassabonnen en offertes — bijvoorbeeld van de bouwmarkt — gelden dáárom niet als bewijs: het moet een factuur op naam en adres zijn. Leg het klaar bij de opname — het kan het verschil van een of meer labelstappen maken. En verbouwt u binnenkort? Maak foto's voordat alles wordt dichtgemaakt. U doet uzelf (en een toekomstige koper) er een groot plezier mee.
Ons huis is ooit nageïsoleerd, maar volgens het label niet. Hoe kan dat?
Dit horen wij vaker: „er is destijds toch een bedrijf geweest voor de muurisolatie?” Maar als de adviseur bij de opname niets kan waarnemen — bijvoorbeeld geen afgedopte boorgaten in de gevel — én er is geen certificaat of factuur, dan mag de na-isolatie niet worden meegeteld. Een mondelinge verzekering van een isolatiebedrijf van jaren geleden is helaas geen bewijs. De woning krijgt dan de isolatiewaarde die bij het bouwjaar hoort.
Duikt het bewijs later alsnog op (een certificaat of een factuur met uw adres)? Dan kunnen wij het label opnieuw berekenen en registreren.
Wat betekenen de −, +/-, + en ++ symbolen onder het kopje isolatie?
Op het labeldocument staat per onderdeel — gevels, panelen, daken, vloeren, ramen — een symbool dat aangeeft hoe goed dat onderdeel geïsoleerd is: van − (slecht geïsoleerd) tot ++ (goed geïsoleerd).
Let daarbij op: het symbool is een gemiddelde van alle aanwezige constructies van dat onderdeel. Heeft uw woning bijvoorbeeld één goed geïsoleerde nieuwe gevel en één originele gevel uit het bouwjaar, dan ziet u daarvan het gemiddelde terug. De symbolen worden automatisch gegenereerd bij de registratie — zie ook de volgende vraag.
Op het label staat „+/-” bij mijn geïsoleerde gevel. Is de isolatie dan niet meegeteld?
Een vraag die wij zelfs van makelaars krijgen. De plusjes en minnetjes op het labeldocument zijn automatisch gegenereerde indicaties uit de landelijke registratie (EP-Online) — wij als adviseur schrijven of kiezen die aanduidingen niet en kunnen ze ook niet aanpassen.
Belangrijker: zo'n indicatie zegt iets over de klasse van de isolatiewaarde, niet over de vraag óf de isolatie is meegeteld. Een nageïsoleerde spouwmuur is meestal maar zo'n 5 à 6 centimeter breed. Dat is een prima verbetering die volledig in de labelletter meetelt (zeker mét factuur), maar de isolatiewaarde blijft daarmee ver onder die van een moderne nieuwbouwgevel — en dus komt de indicatie vaak uit op „+/-” (redelijk) in plaats van „+”. Geen fout dus: een gevulde spouw kan simpelweg niet dikker zijn dan de spouw zelf.
Er ligt isolatiefolie onder de vloer. Telt die mee als vloerisolatie?
In de regel niet — en dat is voor veel mensen een teleurstelling. Dunne (reflectie)folies hebben een te lage isolatiewaarde of zijn simpelweg te dun om in de labelberekening als vloerisolatie te mogen worden ingevoerd.
Echte vloerisolatie telt wél mee: isolatieplaten, gespoten schuim of isolatiedekens met een aantoonbare dikte — zichtbaar in de kruipruimte of onderbouwd met bewijs.
Ik heb een ventilatiesysteem met warmteterugwinning (WTW). Hoe telt dat mee?
Ventilatie telt volwaardig mee in het energielabel. Een WTW-systeem — balansventilatie die warmte uit de afgevoerde lucht terugwint — scoort gunstiger dan gewone mechanische afvoer, míts wij het systeem kunnen identificeren. Daarvoor hebben we het merk en type nodig (het typeplaatje op de unit) en helpt een kwaliteitsverklaring van de fabrikant; zonder die gegevens moet ook hier met een voorzichtige standaardwaarde gerekend worden.
Zorg dus dat de WTW-unit bereikbaar is bij de opname (die hangt vaak op zolder of in de berging) en leg eventuele documentatie klaar.
Waarom wijkt het label van mijn nieuwbouwwoning af van de berekening van de bouwer?
Bij nieuwbouw is er op tekening een energieberekening (BENG) gemaakt met de geplande materialen en installaties. Het definitieve energielabel komt uit een opname van wat er werkelijk is gebouwd en geplaatst. Twee oorzaken die wij in de praktijk vaak zien:
- Een installatie — bijvoorbeeld de warmtepomp — heeft geen gecontroleerde kwaliteitsverklaring. Dan moet de adviseur verplicht met een lagere standaardwaarde rekenen dan de fabrikant belooft.
- De zonnepanelen liggen anders dan gepland, bijvoorbeeld deels op het noorden. De oriëntatie telt mee in de opbrengst.
Het definitieve label kan daardoor beter óf slechter uitvallen dan de berekening op tekening. Wij lopen de verschillen desgewenst graag met u door voordat wij het label registreren.
De buren hebben hetzelfde huis, maar een beter label. Hoe kan dat?
Vaak gevraagd
Hetzelfde type huis is nog niet dezelfde woning. De grootste verschillen die wij in de praktijk zien:
- De ligging in het blok. Een tussenwoning heeft twee buitengevels, een hoekwoning drie: die extra buitenwand verliest warmte en telt dus door in het label. Bij een vrijstaande woning geldt dat nog sterker.
- De verhouding tussen woonoppervlak en buitenoppervlak. Het label wordt berekend per m² gebruiksoppervlakte. Een woning met naar verhouding veel buitenwand, dak en vloer per m² woonoppervlak — bijvoorbeeld door een aanbouw of dakkapellen, of simpelweg een kleinere woning — verliest relatief meer warmte en scoort daardoor eerder een lager label. (Daarom scoort een tussenappartement, met buren boven en onder, vaak verrassend goed.)
- De installaties. Een nieuwere cv-ketel, een (hybride) warmtepomp of zonnepanelen maken vaak direct verschil. De buurman met zonnepanelen en een recente HR-ketel wint het van dezelfde woning met een ketel van vijftien jaar oud.
- Isolatie, beglazing en bewijs. Wel of geen na-isolatie, andere beglazing — en heel vaak: wél of geen bewijsmateriaal bij de opname. Twee identieke woningen waarvan er één de isolatiefacturen kan laten zien, krijgen verschillende labels.
- Een ouder label. Is het label van de buren geregistreerd vóór 1 januari 2021, dan is het nog met de oude rekenmethode bepaald. Die oudere labels kunnen flink afwijken van wat dezelfde woning met de huidige methode (NTA 8800) zou krijgen.
Volkomen logisch volgens de rekenmethode, maar goed om te weten voordat u appels met peren vergelijkt.
Wordt het werk van een energieadviseur eigenlijk gecontroleerd?
Ja, streng — en terecht. Een energielabel mag alleen worden geregistreerd door een vakbekwaam, gediplomeerd adviseur, onder een certificaat volgens de BRL 9500. Daarbovenop zijn er verplichte externe audits: een onafhankelijke auditor controleert steekproefsgewijs geregistreerde labels, ook gewoon op locatie in de woning.
RaDe Bouwadvies is zelf BRL 9500-W gecertificeerd en verzorgt het hele traject van opname tot registratie bij de RVO onder het eigen kwaliteitscertificaat. Wij worden dus periodiek extern gecontroleerd — en eerlijk gezegd: précies dit kwaliteitssysteem missen wij bij de bouwkundige keuring. Daarom leggen wij daar de lat zelf zo hoog.
Mag iedereen energielabels opnemen en uitwerken?
Nee. Alleen een vakbekwaam, gediplomeerd energieadviseur die onder een BRL 9500-certificaat werkt, mag een energielabel opnemen, uitwerken en registreren. En binnen die vakbekwaamheid bestaan aparte „rijbewijzen” — en die luisteren nauw:
- Woningbouw (W) of utiliteitsbouw (U): een W-adviseur mag géén utiliteitsgebouwen (kantoren, winkels, scholen) labelen. Andersom mag een U-adviseur wél woningen doen — die vakbekwaamheid bouwt voort op de woningbouw-opleiding.
- Basis- of detailopname: de basisopname is voor bestaande bouw; voor nieuwbouw (labels vanaf 2021) is de uitgebreidere detailopname vereist. Een basis-adviseur mag die detailopname niet doen; een detail-adviseur mag wél ook basisopnames doen. Hetzelfde geldt aan de utiliteitskant.
Vraag dus bij een nieuwbouwwoning of een bedrijfspand altijd of de adviseur daarvoor vakbekwaam is. Wij zijn dat voor woningbouw én utiliteitsbouw, inclusief de detailopname voor nieuwbouwwoningen.
Zit er verschil tussen aanbieders van energielabels?
Ja, meer dan de meeste mensen weten. Elk energielabel wordt geregistreerd onder een BRL 9500-certificaat, maar er zijn twee routes:
- Adviseur aangesloten bij een gecertificeerde koepelorganisatie. Veel aanbieders werken onder het certificaat van een koepelorganisatie; die koepel is formeel de certificaathouder. De adviseur doet de opname; de koepel verzorgt de kwaliteitsbewaking en registreert het label. Dat is gewoon toegestaan — maar er zit een extra partij tussen u en uw label, en de adviseur is voor de kwaliteitscontrole en registratie afhankelijk van die derde partij.
- Bedrijf met een eigen BRL 9500-W-certificaat, zoals RaDe Bouwadvies. Wij zijn zelf gecertificeerd en daarmee zelf eindverantwoordelijk: opname, kwaliteitscontrole én registratie bij de RVO gebeuren onder ons eigen geaccrediteerde kwaliteitssysteem, en wij worden daar zelf op geauditeerd. U heeft één partij voor het hele traject: korte lijnen, geen tussenschakels, en ook jaren later nog één duidelijk aanspreekpunt bij vragen over uw label.
In beide gevallen moet de opnemer vakbekwaam en gediplomeerd zijn. Maar vraag gerust aan een aanbieder: „Bent u zelf gecertificeerd, of werkt u onder het certificaat van een ander?” Het antwoord vertelt u wie er eindverantwoordelijk is voor de kwaliteit van uw label.
Hoe lang is een energielabel geldig?
Een geregistreerd energielabel is 10 jaar geldig vanaf de registratiedatum. Eerder een nieuw label laten maken mag altijd — en dat is slim na een verduurzaming: een beter label kan de woningwaarde verhogen, levert bij verhuur extra punten op en geeft bij sommige geldverstrekkers zelfs rentevoordeel.
Kan mijn energielabel nog aangepast worden nadat het is geregistreerd?
Ja, dat kan. Duikt er na de registratie alsnog geldig bewijsmateriaal op — bijvoorbeeld de facturen van de isolatie of de specificaties van een installatie — dan verwerken wij dat, berekenen het label opnieuw en registreren het opnieuw bij de RVO. Houd er wel rekening mee dat daarvoor extra afmeldkosten in rekening gebracht kunnen worden.
Het oude label vervalt daarmee; het nieuwe label is vervolgens weer 10 jaar geldig.
Telt koken op gas of inductie mee in het energielabel? En een thuisbatterij?
Nee. Het energielabel kijkt uitsluitend naar het gebouwgebonden energiegebruik: verwarmen, warm tapwater, ventileren, eventueel koelen — en de eigen opwekking, zoals zonnepanelen. Kooktoestellen, huishoudelijke apparaten en een thuisbatterij vallen daarbuiten en tellen dus niet mee, hoe zuinig (of onzuinig) ze ook zijn.
Waarom wijkt mijn energierekening af van wat het energielabel aangeeft?
Omdat het label geen voorspelling van uw energierekening is. Om woningen eerlijk met elkaar te kunnen vergelijken, rekent de methode met standaardwaarden: een gemiddeld huishouden, een standaard binnentemperatuur, gemiddeld stookgedrag. Uw werkelijke rekening hangt daarnaast sterk af van uw eigen gedrag — thermostaatstand, douchetijden, aantal bewoners, thuiswerken — en van uw energiecontract.
Zie het label dus als een eerlijke vergelijkingsmaatstaf van de wóning, niet als een offerte voor uw energierekening.
Ik verhuur een woning. Wat betekent het energielabel voor mij?
Veel. Sinds de Wet betaalbare huur (1 juli 2024) telt het label mee in het woningwaarderingsstelsel, de puntentelling die de maximale huurprijs bepaalt: goede labels leveren extra punten op, terwijl de labels E, F en G bij zelfstandige woningen 4, 9 respectievelijk 15 aftrekpunten kosten (voor monumenten geldt geen aftrek).
Daarnaast heeft het kabinet in juli 2026 een ontwerpbesluit naar de Tweede en Eerste Kamer gestuurd: huurwoningen met label E, F of G moeten uiterlijk 1 januari 2029 verduurzaamd zijn naar minimaal label D. Let wel: dat is een verduurzamingsplicht voor de verhuurder, geen verhuurverbod — lopende huurcontracten vervallen niet, maar de gemeente kan er straks wel op handhaven. Het besluit is nog niet definitief.
Verduurzamen loont voor verhuurders dus dubbel. Wij vertellen u niet alleen wélk label uw woning heeft, maar kunnen met een maatwerkadvies ook laten zien welke maatregelen het meeste opleveren.
Krijgt een vakantiewoning, B&B of groepsaccommodatie een woning-label (W) of een utiliteitslabel (U)?
Een vraag uit onze eigen praktijk — wij verzorgen beide soorten labels, en het onderscheid luistert nauw. De kern is of er in het pand gewoond wordt, of dat het alleen om logies gaat: verblijf voor tijdelijke gasten, die hun vaste adres ergens anders hebben. Aan de duur van dat verblijf zit geen tijdslimiet.
- Woonhuis met een B&B (u woont er zelf en verhuurt een of enkele kamers): woning-label (W).
- Één vakantiewoning of één B&B als zelfstandig pand: woning-label (W).
- Alleen logies in het pand, bijvoorbeeld meerdere B&B-eenheden zonder woongedeelte: utiliteitslabel (U). Zodra er énkel logies in het pand zit, is het U.
- Groepsaccommodatie: vanaf 20 slaapplaatsen altijd een utiliteitslabel (U); met minder slaapplaatsen geldt het pand als vakantiewoning.
Twijfelt u? Leg ons de situatie voor — wij bepalen welk label van toepassing is en verzorgen zowel woning- als utiliteitslabels. (Let op: voor recreatiewoningen die maar een klein deel van het jaar gebruikt worden, bestaan bij verkoop uitzonderingen op de labelplicht.)
Wat moet ik klaarleggen voor de opname van het energielabel?
Hoe meer u kunt laten zien, hoe beter (en vaak: hoe gunstiger het label). Handig om klaar te leggen:
- bouwtekeningen, plattegronden of de inmeettekening van de makelaar, als u die heeft;
- facturen, certificaten en foto's van isolatie en beglazing (zie de vraag over bewijs);
- gegevens van de installaties: merk en type van cv-ketel of warmtepomp, ventilatiesysteem, zonneboiler, aantal en merk zonnepanelen;
- toegang tot alle ruimtes, inclusief zolder, kelder en het kruipruimteluik.
De adviseur meet de woning volledig op en fotografeert wat voor het bewijsdossier nodig is. Binnen enkele werkdagen na de opname is uw label geregistreerd bij de RVO.
Wat kost een energielabel?
Onze actuele vanaf-prijs vindt u op de homepage (vanaf € 299,-); de prijs hangt af van het type woning of gebouw. U betaalt bij ons een vaste, transparante prijs zonder verrassingen — inclusief opname op locatie én registratie bij de RVO. Ook voor utiliteitsgebouwen (kantoren, winkels, scholen) kunt u bij ons terecht.
Staat uw vraag er niet bij?
Bel ons gerust op 045 - 410 00 20 of mail naar info@rade-bouwadvies.nl.
Wij denken graag met u mee — ook vóórdat u opdracht geeft.
Grote kans dat uw vraag hier binnenkort ook staat: wij plaatsen geregeld nieuwe vragen en antwoorden op deze pagina.